November zes jaar geleden schreef ik het volgende over bijna-doodervaringen.

scan

Al langere tijd ben ik erg geïnteresseerd in ‘bijna-doodervaringen’ (BDE). De hoogste tijd om zelf eens wat gedachten over dit ongrijpbare fenomeen op ‘papier’ te zetten. De BDE, een bewijs voor leven ná de dood? Waar of niet waar? En hoe reëel is het eigenlijk…? Wat mij betreft is er geen twijfel over mogelijk. Helemaal waar, maar dat neemt niet weg dat ik een aantal kritische vragen wil proberen te beantwoorden.

Wat mij in de diverse media berichtgevingen over bijna-doodervaringen opvalt, is dat ondanks de ruime aandacht voor de bijna-doodervaring, met name na de publicatie van Eindeloos bewustzijn (2007), van onderzoeker en voormalig cardioloog Pim van Lommel, de publieksdiscussie lijkt te blijven steken op het punt van het al dan niet wetenschappelijke gehalte van Van Lommels verklaringen met betrekking tot het verruimde bewustzijn, en te weinig (of zelfs niet) ingaat op reële vragen als: is er leven na de dood en bestaat er een onsterfelijke ziel? En dat schiet wat mij betreft helemaal niet op.

Daar komt bij, hoe betrouwbaar zijn de BDE-verslagen eigenlijk om ook theologische uitspraken te kunnen doen? Niet alle ervaringen zijn overigens even volledig of positief. Uit onderzoek blijkt (bron: internet…) dat minstens 15% van de onderzochte bijna-doodervaringen ronduit negatief is. Ervaringen die variëren van duisternis met sinistere entiteiten tot vreemde middeleeuws aandoende visioenen (à al Dante) aan toe. Ook Van Lommel gaat hier (heel) kort op in, zowel in zijn boek als in het interview met Andries Knevel in Het Elfde Uur. Jammer genoeg wilde hij er niet veel over kwijt, omdat het teveel buiten de scope van zijn centrale vraagstelling zou liggen.

Kortom, genoeg vragen blijven er over én we zijn gewaarschuwd…, wie in de pluriforme wereld van de bijna-doodervaringen stapt, met name door op internet te gaan zoeken (hetgeen ‘helaas’ niet valt aan te raden), moet goed weten waar hij aan begint.

Mijn eerste kennismaking met dit onderwerp kwam door het lezen van What Really Happens When We Die?, een hoofdstuk in het boek GOD WANTS YOU RICH and other enticing doctrines van Florence Bulle. Een bijzonder kritische en ‘behoedzame’ introductie op het onderwerp. In een volgende posting zal ik er een samenvatting van geven. Al was het alleen maar enigszins tegenwicht te bieden aan mijn eigen enthousiasme over BDE’s.

In de afgelopen jaren heb ik het nodige over BDE’s gelezen en er enkele Tv-documentaires (RTL4 en EO) over gezien. Een sceptisch en afwijzend artikel in het AMC-magazine van professor Dr. Dick Swaab, een atheïstische hersenspecialist, kan ik mij nog herinneren. Wat mij opvalt bij hem en andere wetenschappers, is dat ze het unieke van de ervaring als zodanig lijken te willen bagatelliseren. Ook de enorme en veelal blijvende impact die de ervaring op de persoon zelf heeft, is iets waar nauwelijks concreet op wordt ingegaan.

Een kort citaat, ergens van internet geplukt:

Hersenen en ‘uittreding’

Hoe ontwikkelen de hersenen van een mens zich, hoe ons gevoel man of vrouw te zijn? Prof. D.F. Swaab van het Nederlands Instituut voor Hersenonderzoek geeft aan hoe verstoring van de normale hersenontwikkeling kan leiden tot schizofrenie en depressie. Hij geeft een neurobiologische verklaring voor bijna-doodervaringen als ‘uittreding’ en gaat in op de cognitieve aftakeling bij de ziekte van Alzheimer en onderzoek naar therapeutische strategieën om dit proces te stoppen.

Ik zie iemand die een BDE heeft gehad als een belangrijke ‘first hand witness’, die we heel serieus moeten nemen. Het zijn niet zomaar mensen met een interessant verhaal. Nee, meestal staat men na deze ervaring totaal anders in het leven: bewuster, holistische en minder materialistisch. Dergelijke veranderingen kun je niet simpelweg toeschrijven aan zuurstofgebrek van de hersenen of aan een medische aandoening. De ervaring als zodanig is ook heel intensief en zoveel scherper dan een droom. En dit geldt ook voor ‘uittredingen’. Bekend zijn de wonderbaarlijke getuigenissen van mensen die operaties ondergingen. Zij zagen zichzelf ‘onder het mes’ liggen en konden nadien zelfs beschrijven wat er gebeurd was en wat artsen met elkaar tijdens de operatie hadden besproken.

Zuurstofgebrek zou ertoe kunnen leiden dat het brein plaatselijk overactief wordt doordat de prikkeloverdracht tussen de hersencellen onvoldoende wordt geremd. Wanneer zo’n ruisachtige storing in de visuele hersenschors optreedt, zal men in het centrum van het gezichtsveld een helder licht zien, omdat de meeste cellen met dit gebied corresponderen. Het licht wordt geleidelijk groter naarmate de hoeveelheid storing toeneemt en schept de illusie dat men de uitgang van een tunnel nadert. Omdat het licht niet eerst wordt opgevangen door de ogen, maar de schors dus rechtstreeks gestimuleerd wordt, is het licht buitengewoon helder zonder dat het pijn doet aan de ogen.

De neurobiologische verklaring die professor Swaab geeft, zal ik vast niet helemaal begrepen hebben, maar toen ik recentelijk zijn artikel in het AMC-Magazine las, was ik bepaald niet overtuigd. Al was het alleen maar omdat er geen vergelijkbare situatie is waaronder iemand een dergelijke intensieve lichtervaring heeft. Drugs- of medicijngebruik en/of hersenbeschadigingen leiden namelijk niet tot vergelijkbare ervaringen. Zijn verklaring lijkt veeleer speculatief- dan aantoonbaar vastgesteld. Overigens kunnen geestverruimende middelen je wel allerlei bewustzijnservaringen geven, die je als het ware in een andere dimensie brengen, maar dat zijn niet per se overlijdenservaringen. In het laatste hoofdstuk van zijn boek Death of a Guru, gaat ervaringsdeskundige en ex-Hindoe Rabi Maharaj uitgebreid op dit onderwerp in.

Ook in christelijke kring is er inmiddels een groeiende belangstelling voor het verschijnsel van de BDE. Onlangs (2009) verscheen de Nederlandse vertaling van het boek (1998) van Michael Sabon: In het licht van de dood. Subtitel: Het indrukwekkende relaas over bijna-doodervaringen (Uitgeverij Barnabas Heerenveen). De auteur “maakt onderzoeksresultaten toegankelijk voor een breed publiek en beschrijft diverse case-studies uit eigen praktijk.” Michael Sabon is cardioloog en al meer dan twintig jaar een autoriteit op het gebied van bijna-dood ervaringen.

In het Nederlands Dagblad schreef Ds. Tim Vreugdenhil (Amstelveen) onlangs een interessant artikel. U kunt het binnenkort lezen op http://www.apologia.nl/ (red. PM: heb de link niet meer kunnen plaatsen). Hieronder volsta ik met een reactie op het artikel; een ingezonden brief uit de krant (ND) van 5 mei 2009.

Bijna dood

Het artikel van Tim Vreugdenhil in de krant van 10 april nodigt uit tot dieper nadenken over de betekenis van een bijna-doodervaring. Het merendeel van deze ervaringen is hemels, slechts weinigen hebben een ervaring van de hel, dat wil zeggen de godverlatenheid, al zullen vele van deze negatieve ervaringen wel uit het geheugen worden verdrongen. De meesten hebben lichtervaringen. Nu zegt dat niet veel; satan kan zich voordoen als een engel van licht.

Sommigen met een christelijke opvoeding roepen naar Jezus en er verschijnt een licht in de tunnel. Immers Gods woord zegt: een ieder die de naam des Heeren aanroept, zal behouden worden. Behalve licht ervaren de meeste mensen een allesomvattende liefde. Dat kan alleen maar het licht Gods bewerken, want satan gaat tegen zijn natuur in als hij liefde zou uitstralen. Maar zijn deze mensen ook behouden? Uit hun later leven blijkt wel dat ze veranderd zijn, namelijk minder egoïstisch en ook betonen ze meer liefde tot de naaste. Jezus zegt zelf dat velen (bij het gericht over de volken) verbaasd zullen zijn als ze horen dat ze Hem hebben gediend. Ze zullen roepen: Heer, wanneer hebben we U hongerig gezien? Het antwoord luidt: Ik verzeker jullie, alles wat jullie gedaan hebben voor een van onaanzienlijkste van mijn broeders of zusters, dat hebben jullie voor Mij gedaan. Jullie nemen deel aan het koninkrijk dat al sinds de grondvesting van de wereld voor jullie bestemd is.

T.R. Tjerkstra, Amsterdam

Aan de hand van de reactie van Tjerkstra zijn ongetwijfeld een aantal vraagstellingen te formuleren voor verdere studie. In mijn volgende posting zal ik daar graag op ingaan.

Binnen de reguliere theologie komt mondjesmaat meer belangstelling voor het fenomeen BDE. Het volgende citaat uit het boek Reiken naar God wil ik de lezer niet onthouden. Kort gezegd gaat dit boek over de aard van onze kennis over God. Een belangwekkend onderwerp, belicht door C. Sanders, emeritus hoogleraar psychologie en wijsbegeerte aan de VU te Amsterdam. Op pag. 122 staat een voetnoot (nr. 41), als toelichting op de hoofdtekst: “Kortom die mens ziet van verre de werkelijkheid van opstanding en eeuwig leven.” (pag. 109), met een verkennende visie op bijna-doodervaringen.

(noot 41) “Paulus verhaalt met ontzag van een mens in Christus die opgetrokken geweest is in het paradijs en daar woorden gehoord heeft ‘die geen mens kan of mag uitspeken’ (2 (Kor. 12:14). Het is verleidelijk en wellicht veel te speculatief een verband te vermoeden met ‘bijna-doodervaringen’ van sommige mensen die op de grens van dood en leven hebben verkeerd. Zij waren op dat moment reeds onthecht aan dit leven, zodat alle ik-zucht verdwenen was en zij bevrijd waren van zichzelf. Wat deze mensen ervoeren maakte een zeer diepe indruk op hen, een indruk die het verdere van hun leven vaak ingrijpend veranderde. Het zijn ten diepste niet te beschrijven ervaringen die voorkomen bij jong en oud en bij mensen uit heel verschillende milieus en culturen. Wat er over meegedeeld wordt, wettigt de conclusie dat die ervaringen een bepaalde gelijkenis vertonen. Ook zijn ze duidelijk te onderscheiden van dromen en hallucinaties, onder meer door de grote helderheid en bewustheid ervan, een sterke realiteits- en evidentiebeleving en een blijvende, gedetailleerde herinnering eraan. Gezien het karakter van deze ervaringen kan voorzichtig de vraag gesteld worden of hier geen sprake is van een voorbeeld van schouwen zoals in de tekst bedoeld. De bijna-doodervaringen roepen veel vragen op die niet slechts theologisch van aard zijn, maar ook natuurwetenschappelijk serieus genomen worden, gezien de onderzoekspublicatie in het gezaghebbende medische tijdschrift The Lancet, 358 (2001).”

Uit: Reiken naar God – auteur: Dr. C. Sanders – Uitgave KOK, 2004.

Hopelijk voelen lezers van dit blog zich geïnspireerd om hun visie of mogelijk zelfs de eigen bijna-doodervaring met mij te willen delen. Ik nodig je daartoe van harte uit.

Ik heb geprobeerd het onderwerp enigszins neutraal te bespreken. Mocht ik in de (nabije) toekomst zelf eventueel een BDE meemaken, dan kunt u van mij wellicht het nodige vuurwerk verwachten. 🙂

Advertenties

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s